We krijgen allemaal te maken met auteursrecht wanneer we werken van anderen willen gebruiken of publiceren of als je zelf werk maakt.

Voor het beheer van die rechten moet je informatie over de werken goed vastleggen, onderhandelen met rechthebbenden en weten waarvoor je licenties moet afsluiten. Allereerst geven we je in deze tekst een overzicht: wat valt er allemaal onder het regelen van de rechten?

Snelcursus auteursrecht

Waar hebben we het over als we over auteursrecht spreken? De volgende korte film geeft je een snelcursus.

Naast het auteursrecht zijn er nog een aantal andere wetten en richtlijnen waar je rekening mee moet houden. Die kun je terug vinden in het kennisdossier Overzicht wetten en richtlijnen.

Nieuw werk: waar moet je rekening mee houden?

Als je een nieuw werk maakt ontstaat daar automatisch auteursrecht op, daar hoef je niets voor te doen. Wel moet je rekening houden met eventuele andere rechten. Fotografen bijvoorbeeld moeten rekening houden met het portretrecht en uitvoerende kunstenaars (zoals acteurs, zangers, musici en dansers) krijgen te maken met naburige rechten bij de realisatie van een werk.

Daarnaast mag je niet zomaar werken van anderen in je nieuwe werk opnemen als daar nog rechten op zitten. Zo geven bepaalde componisten of hun erven, geen toestemming voor het maken van arrangementen voor andere bezettingen dan het origineel. Bij sommige toneelstukken mag niet van de tekst of enscenering worden afgeweken. Dit kan overigens wel probleemloos met werken uit het publieke domein waar geen auteursrecht meer op rust, omdat de maker 70 jaar of langer overleden is. Op die nieuwe bewerking ontstaat wel weer nieuw auteursrecht.

Bovenstaande voorbeelden laten zien dat er in veel gevallen een stapeling van rechten ontstaat die niet allemaal bij één persoon liggen. Zeker wanneer je materiaal hergebruikt, is het daarom nuttig om vast te leggen wat de rechtensituatie is en wat je aan activiteiten hebt ondernomen om toestemming te krijgen om het werk te gebruiken. Zorg het liefst ook voor vastlegging van de verkregen toestemming.

Als maker moet je bovendien bedenken hoe jij het auteursrecht invult voor je nieuwe werken. Vind je het prima als anderen je werk aanpassen tot een nieuw werk of juist niet? Wil je controle houden over de publicaties of laat je dat vrij? Wil je een vergoeding en zo ja, welke tarieven ga je voor welk soort gebruik hanteren? Wanneer je werk in opdracht maakt is het essentieel om in het contract duidelijk vast te leggen wie de rechten verwerft: de maker of de opdrachtgever en wat de bepalingen rondom het gebruik van het betreffende werk zijn. Doe je dat niet, dan moet je later opnieuw toestemming vragen voor hergebruik.

Je kunt als maker ook direct zelf licenties of gebruiksvoorwaarden uitgeven waarin beschreven staat wat anderen met het werk mogen doen. Dit is ook heel prettig voor toekomstige gebruikers of beheerders van het werk en voorkomt veel onduidelijkheid. De Creative Commons licenties zijn hiervan een goed voorbeeld. 

Auteursrechtenbeheer van je collecties

Ook als je collecties in beheer hebt, moet je aan de slag met het regelen van je rechten. Of je (digitale) cultuurobjecten nu wel of niet auteursrechtelijk beschermd zijn; eigenlijk moet je in alle gevallen de rechtensituatie vastleggen. Als je dat doet, weet je altijd wanneer een werk eventueel in het publiek domein terecht komt, bij wie je toestemming moet vragen voor digitalisering , publicatie en hergebruik en onder welke voorwaarden je een werk online beschikbaar mag stellen.

Ook krijg je inzicht in de mogelijke kosten: zo hoef je geen budget voor licenties te reserveren als je alleen collecties hebt die onderdeel zijn van het publieke domein. Wellicht kom je erachter dat je veel verweesde werken hebt, waardoor je tijd en middelen moet reserveren voor onderzoek naar de rechthebbenden.

Als je metadata of credits toevoegt aan je objecten heeft je instelling daar ook rechten op. Wil je de informatie publiceren, denk dan ook na over het gebruik van licenties. Soms is dit zelfs een vereiste: bijvoorbeeld wanneer je als instelling je data beschikbaar wilt stellen via andere platforms en kanalen, zoals Europeana of Wikimedia. DEN heeft samen met andere juridische experts uit het erfgoedveld een stappenplan ontwikkeld voor het beheren van je rechten.

Collectief of individueel?

Als je zelf geen auteursrecht op een bepaald werk hebt, kun je op verschillende manieren afspraken maken met rechthebbenden en licenties afsluiten. Dit is het geval wanneer je bijvoorbeeld digitale objecten online beschikbaar wilt maken en ook wanneer je bestaande werken hergebruikt om nieuwe werken of uitvoeringen te creëren.

  • Individueel: elke rechthebbende wordt apart benaderd met een op maat gemaakte licentie.
  • Collectief: makers kunnen zich via een Collectieve Beheersorganisatie (CBO) als groep laten representeren. Als je je als maker bij zo’n CBO aansluit, nemen ze een deel van het auteursrechtenbeheer over. Het is niet zo dat zij ook eigenaar van de rechten worden.

Welke methode je wanneer het beste kunt gebruiken en welke licenties je kunt afsluiten, staat beschreven in het kennisdossier Licenties en in het stappenplan Auteursrechtenbeheer.

Meer lezen?

Thema's
Deel dit artikel