Direct naar de inhoud Direct naar het menu Direct naar de zoekfunctie Direct naar de footer

Crowdsourcing en interactie met je publiek: vragen en antwoorden uit de livesessie

Op 15 april vond een virtuele livesessie plaats over crowdsourcing & interactie met je publiek. Tegen welke problemen liepen deelnemers aan, welke lessen konden we van elkaar leren en welke aanbevelingen nemen we mee voor de toekomst? Lees het in dit korte verslag van de livesessie.

In deze sessie waren digitaal mensen aangschoven van een dansgezelschap, een crowdsourcing platform, museum, poppodium, regionaal historisch centrum en ook zelfstandig adviseurs. Deze mensen hadden verschillende redenen voor deelname aan de sessie, bijvoorbeeld om erachter te komen of er behoefte is aan een crowdsourcing platform, om samen te zoeken naar online mogelijkheden rond dans voor kinderen of het verbinden van lokale geschiedenis met online middelen en mensen hadden algemenere vragen, zoals 'hoe kun je je publiek inzetten' en 'hoe kun je meer publieksinteractie aangaan'.

Welke vormen van publieksinteractie onderscheiden we?
  • Verrijken met je publiek / Crowdsourcing
    Het inzetten van de kennis, kunde en creativiteit van het  publiek (= crowd- & outsourcing), crowdfunding
  • In gesprek met je publiek
    Bijvoorbeeld virtuele rondleidingen of online streaming met mogelijkheid tot reacties van bezoekers
  • Activerend / Thuis aan de slag
    Workshops, DIY / instructies, zelf iets laten maken / doen, lessen
  • Maken met het publiek
    Iets maken op basis van input (verhalen, materialen, etc.) van het publiek
  • Co-creatie
    In directe samenwerking met (selectie van je) publiek / doelgroepen een artistieke productie maken, een tentoonstelling samenstellen etc.

 

Vraag & antwoord uit de livesessie

DEN: Hoe weet je wie je aanspreekt en hoe vraag je reactie aan het publiek? Dat lijkt me makkelijker wanneer je een vast publiek hebt en beschikt over directe contactgegevens.

  • Ik zit eraan te denken tijdens aankomende coronarepetities bijvoorbeeld ochtenduitzendingen maken.
  • Iedereen die je ooit heeft gezien kan je publiek zijn. Er liggen heel veel kansen bij de inzet van socials, zolang je het op je eigen manier vormgeeft.

DEN: Welke kanalen gebruiken jullie eigenlijk?

  • Facebook en Instagram. De deelnemers knikken instemmend en vullen aan dat ook Twitter veel wordt gebruikt, maar dat het wel uitmaakt wat voor soort content wordt gedeeld.
  • Bij socials ligt de kracht bij herhaling. Eén bericht wordt niet gezien. Je moet op geregelde momenten met nieuwe berichten en nieuwe content komen. Misschien kunnen de grote organisaties hierin een rol pakken voor kleinere organisaties.
  • Bij een poppodium speciale aandacht voor lokale makers, op die manier geven we een podium aan kleinere makers.

DEN: Wordt er ook samengewerkt met stakeholders/partners binnen je eigen netwerk? En kan je kracht halen uit die verbinding? Hebben jullie ideeën over hoe je samen kan optrekken en hoe digitaal ons daarin kan ondersteunen?

  • Alles ontploft online. Denk vanuit je publiek, welke toegevoegde waarde heeft mijn post voor de bedoelde doelgroep. Wat we doen/delen sluit goed aan bij onze boodschap.
  • Blijf je eigen verhaal vertellen, maar vind er andere vormen voor.
  • Meetbaar: veel wordt geliket, maar ook steeds meer gedeeld. Graag uitbouwen naar iets waar interactie nog meer naar voren komt.
  • Blik terug naar het lokale. Sterke initiatieven wanneer je kan aansluiten bij dat lokale, de plek waar je bent.

DEN: Wat wij nu meemaken is van historisch belang. Daarom willen we ook documenteren wat er nu gebeurt. Het is een gelegenheid om je opnieuw te verbinden en je rol is als instelling duidelijk te maken. Verbind je taak aan de community. Dat biedt wellicht nieuwe mogelijkheden?

  • Corona maakt dat de wereld weer meer lokaal wordt, in plaats van globaal. We worden teruggeworpen op onze eigen lokale omgeving.

  • Erfgoedinstellingen zijn bezig met het opstarten van een corona-archief. Voor het eerst zijn mensen zelf heel bewust wat er gebeurt en welk effect dat heeft, biedt kansen om als archief de kans om die relatie met je publiek aan te gaan. Bv Nationaal Archief doet het. Archief in Alkmaar ook, zij betrokken al mensen bij het maakproces. Niet alleen in klassieke zin, bestuur en beleidsmaatregel. Maar ook rond documenteren van wat de burger (publiek) ervaart. Denk bijvoorbeeld aan het maken van foto’s van krijttekeningen. Foto’s over bezoek door het glas bij verpleeghuizen.

  • Collega’s zijn hier inderdaad mee bezig. De vraag is hoe we alle tools die we inzetten, hoe maken we dat duurzaam? Maar hoe hou je die interactie die je nu maakt, vast?

  • Zoekende naar online mogelijkheden. Maar belangrijk vorm van interactie vindt juist plaats met publiek op de locatie zelf. Wanneer bezoeker zelf een archiefstuk in handen heeft bijvoorbeeld. Bv. Meet en greet of speeddaten met de collectie – kracht zit bij mensen die het archief willen induiken.

DEN: Dat leent zich dan misschien juist wel voor een mix – online en offline zijn verschillende formats. Maar hoe doe je dat?

  • Er zijn natuurlijk verschillende doelen waarom je contact zoekt met je publiek: maakt nog wel uit of dit is vanuit educatie of gericht op kaartverkoop. Dat geldt ook voor online activiteiten: Houd goed in de gaten waarom je contact zoekt met het publiek of welke service je wilt bieden.
  • Wat past dan bij je, wat is dan authentiek? Jouw authentieke boodschap, wat is daar de online versie van?
  • Een goed digitale aanwezigheid is wat dat betreft een co-creatie op zich – een productie op zich. Samenwerking tussen artistiek/inhoudelijk team samen met marketing/digitaal is daarbij belangrijk.
  • Als poppodium met een vooruitstrevende, experimentele agenda zien we dat het publiek zich daar ook in herkent. Kun je daar dan ook meer mee doen, met bijvoorbeeld dat ‘experimentele’ als dat bij je identiteit past? Publiek staat dan misschien ook zelf wel in voor een experiment. Kun je daarop digitale formats ontwikkelen?

 

Lees-, kijk- en luistertips