Sterke ondersteuning voor een vitale cultuursector

De directeuren van zeven sectorondersteunende instituten gaan in aanloop naar de beleidsperiode 2021-2024 met elkaar in gesprek over de vraag hoe een sterke en wendbare ondersteuningsstructuur er idealiter uit zou zien. Vier maanden later bieden ze de Tweede Kamer een position paper aan. De boodschap: we hebben ideeën en willen in gesprek.

Tijdens de bijeenkomst op 24 januari 2019 in Het Nieuwe Instituut werd het gesprek gevoerd met zo’n 50 collega’s werkzaam in de cultuursector: directeuren, bestuurders en adviseurs uit deelsectoren zoals film, podiumkunsten, muziek, beeldende kunst en erfgoed. Onder de aanwezigen waren ook beleidsmedewerkers van fondsen en het ministerie van OCW. Een belangrijke middag, die bijdraagt aan een sterke ondersteuning voor een vitale cultuursector voor de langere termijn.

Hieronder volgt een samenvatting van de belangrijkste constateringen, lacunes en aanbevelingen.

 

Constateringen

‘Aan de muur van mijn kantoor hangt een bord met Fuck the System. Het is een dagelijkse reminder om onafhankelijk te zijn.’

– Eppo van Nispen tot Sevenaer, Directeur Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid 

  • Binnen de cultuursector speelt beleid een grote rol. Maar in hoeverre is deze beleidsrijkheid gewenst? De structuur lijkt nu vooral ondersteunend aan het beleid, in plaats van aan het veld.
  • De bouwsector is momenteel creatiever dan de culturele sector. Door de creativiteit van het veld aan te spreken, kan de cultuursector weer frontrunner worden.
  • Na de bezuinigingen verdwenen ondersteunende instellingen zoals Theaterinstituut Nederland, Muziekcentrum Nederland en Nederlands Instituut voor Mediakunst. Sommige taken en verantwoordelijkheden zijn opgepakt, andere zijn tussen wal en schip geraakt. De kennis die is versnipperd over verschillende instellingen, wordt onvoldoende gedeeld.
  • De legitimatievraag bij het aanspreken van publieke middelen is verschoven. Met de economisering van cultuur veranderde dit van een kwaliteitsvraagstuk naar een economische vraag. De laatste jaren is de sociaal-maatschappelijke context doorslaggevend geworden. Cultuur is een uitvoerende propositie geworden.
  • Zijn er nieuwe instituten nodig? Verantwoordelijkheden zijn (deels) opgepakt door bestaande instellingen en grassrootsorganisaties, maar voor het veld niet altijd duidelijk door wie. De structuur is er al, maar om dit vuur brandende te houden is het van belang dat de ondersteuning blijvend wordt ondersteund.

 

Lacunes

‘Ondersteun de cultuursector: juist om vrijheid te behouden in deze tijden waarin de waarheid soms verloren gaat.’

– Bero Beyer, directeur International Film Festival Rotterdam

  • Innovatieve, kleine en dwarse projecten hebben niet altijd toegang tot steun van markt en overheid. Ze moeten de mogelijkheid hebben om te mislukken en ze passen niet in de formats, waardoor ze lastig te realiseren zijn.
  • De sector heeft behoefte aan coördinatie, regie en eigenaarschap. Wat momenteel ontbreekt binnen o.a. de podiumkunsten is één visie en één plek.
  • Er is behoefte aan waardevrije data. Fondsen, als onderdeel van de overheid, zijn niet de partij daarvoor.
  • De aansluiting tussen de regio en landelijk beleid mist. De minister overweegt meer taken onder te brengen bij fondsen, maar afstand en ambtelijkheid vormen een barrière voor lokale initiatieven. Hierdoor kan het lastig zijn om de sprong naar landelijke ondersteuning te maken. Bovendien maakt het de rollen (beleidsvoorbereiding versus beleidsuitvoering) diffuser.
  • Door digitalisering verdwijnen functies binnen de cultuursector. Er ontstaan ook nieuwe functies, maar hier zijn nog geen opleidingen voor.
  • Er ontstaan gaten in het behoud van erfgoed, met name binnen podiumkunsten, design en beeldende kunst. Digitalisering is daarbij een kans en dus een aandachtspunt.

 

Inspirerende voorbeelden

‘I don’t do culture, I support culture.’

– Ole Winther, head of divisions bij The Danish Agency for Culture and Palaces

  • In Denemarken wordt het beleid van het cultuurministerie uitgevoerd door The Danish Agency for Culture and Palaces. Dit bureau komt voort uit een grootschalige fusie van ondersteunende instellingen en voert het beleid van het cultuurministerie uit. De verandering komt voort uit de politieke wens om meer grip op cultuur te hebben. Van literatuur tot theater en van kunstonderwijs tot film: alles zit onder één dak. Hierdoor belandt meer geld bij makers. Het bureau heeft veel slagkracht en vanwege verregaande transparantie is het eenvoudig om uitgaven te verantwoorden. Keerzijde van de medaille is de omvang van de organisatie. Winther: ‘We are like a supertanker: it takes forever to change course’.
  • In 2017 werd de Muziek Coalitie opgericht vanuit behoefte aan een integrale visie binnen de sector. Tweemaandelijks komen 20 partijen uit het veld bijeen om de krachten te bundelen voor de brede belangenbehartiging van klassieke muziek.
  • Het rapport Waarde van Cultuur (2018) was een bijzonder succesvol project. De Boekmanstichting, het PON, bkkc en Telos werkten samen met Pyrrhula Research Consultants om bestaande en nieuwe onderzoeken op het gebied van cultuur in Noord-Brabant bij elkaar te brengen.

 

Aanbevelingen voor de sector

‘I am the master of my fate: I am the captain of my soul’

– uit het gedicht Invictus van William Ernest Henley, voorgedragen door Eppo van Nispen tot Sevenaer, Directeur Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid

  • Houd voeling met het veld: daar is de ondersteuningsstructuur uiteindelijk voor. De sector heeft ondersteuning nodig in de vorm van een brug tussen veld en beleid, en een kritische en agenderende houding.
  • Stel maatschappelijk belang voorop. Een betekenisvolle ondersteuning is sectorbreed, cross-sectoraal en gaat verbindingen aan buiten het veld.
  • Ondersteunende instellingen, word onderdeel van de beleidsvormende agenda, niet alleen van de uitvoerende.
  • Denk na over een structuur waarbij de inhoud vanuit het veld komt, en de techniek en faciliteiten vanuit de ondersteuning.
  • Richt de blik vooruit. Geschiedenis is van belang, maar kijk verder dan het behouden van de status quo.
  • Pleidooi voor coördinatie: van versnippering naar gezamenlijkheid. Werk samen op landelijk, provinciaal en lokaal niveau.
  • Het veld is actief en er zijn veel beroepsverenigingen. Schoenmaker blijf bij je leest: breng als ondersteunende instelling in kaart waar welke kennis aanwezig is, en waar behoefte aan is.
  • Speel in op het idee van programmatisch denken en actieplannen, en werk in nieuwe samenwerkingsverbanden en netwerken. Denk in smartmodels.
  • Samen sta je sterker: bundel de krachten – bij voorkeur programmatisch – voor thema’s als innovatie, experiment, inclusiviteit, toekomst van het werk in de culturele sector, internationalisering, waardevrije dataverzameling en digitalisering voor o.a. beheer en ontsluiting van erfgoed.
  • Benut mogelijkheden van digitale ontwikkelingen om betrouwbare data te verzamelen.

 

 

Aanbevelingen voor de overheid

‘Ik heb twee aanbevelingen: Praat met ons en praat met ons.’

– Gabriel Oostvogel, voorzitter Klassieke Muziek Coalitie

  • Laat de sector zelf prioriteiten stellen en een visie formuleren in plaats van deze van bovenaf op te leggen. Vraag om programmatisch denken. De inhoud komt uit de sector, de techniek vanuit de ondersteuning.
  • Laat de ondersteuningsstructuur zich vooral richten op het veld en minder op het beleid. Geef de ondersteuningsstructuur meer ruimte om een kritische en agenderende gesprekspartner te zijn van het ministerie, in plaats van een beleidsuitvoerder.
  • Ondersteun de ondersteuning die van onderaf is geregeld. Er gebeurt veel in het veld: niet alles hoeft opnieuw bedacht te worden, maar kleine initiatieven moeten aansluiting kunnen vinden bij grotere maatschappelijke velden. Pak ontwikkelingen op die al gaande zijn in de regio.
  • Laat speelruimte over om experimenten te financieren.
  • Kijk op een andere manier naar de infrastructuur dan eens per vier jaar: langjarig maar ook programmatisch.
  • Realiseer dat cultuurondersteuning een integrale verantwoordelijkheid is. Maak het geen ministeriele verantwoordelijkheid, maar kabinetsverantwoordelijkheid.
  • Er zijn financiële middelen nodig om lacunes aan te pakken, zowel bij kleine initiatieven als bij grotere instellingen.

Dit verslag wordt gedeeld met de Raad voor Cultuur. Deze brengt in april haar stelseladvies uit. Op 17 april organiseren onderstaande instellingen een volgende bijeenkomst bij het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid om gezamenlijk op dit advies te reflecteren.

Kijk hier voor de sprekers tijdens deze bijeenkomst

Bero Beyer – Directeur International Film Festival Rotterdam

Chris Sigaloff – Onafhankelijk adviseur

Ole Winther – Head of Divisions, Danish Agency for Culture and Palaces

Gabriël Oostvogel – Voorzitter Klassieke Muziek Coalitie

Yolande Melsert – Directeur NAPK

Guus Beumer – Directeur Het Nieuwe Instituut

Eppo van Nispen tot Sevenaer – Directeur Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid

De position paper en de bijeenkomst zijn een initiatief van de Boekmanstichting, Cultuur+Ondernemen, DEN kennisinstituut cultuur & digitalisering, DutchCulture, Eye, Het Nieuwe Instituut, Landelijk Kennisinstituut Cultuureducatie en Amateurkunst (LKCA), Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid en RKD.

Thema's
Deel dit artikel