Soms verandert de naam van een webpagina, waardoor links naar de oude pagina opeens doodlopen. Door gegevens over werken, makers, objecten of instellingen te identificeren met een uniek identificatienummer kun je deze linkrot voorkomen.

Het internet vormt één grote digitale ruimte. Daarin moet elk digitaal object uniek te identificeren zijn. Webadressen (URLs) vormen de standaard manier om informatie (pagina’s) op het World Wide Web te identificeren, maar soms verandert de naam van een webpagina en loopt de link daarna dood. Wanneer je je data goed vindbaar wilt houden, is het dus belangrijk om over deze linkrot na te denken. 

In de fysieke wereld worden binnen musea, bibliotheken en archieven unieke objecten uit de collecties gemarkeerd met een uniek inventarisnummer. Ieder cultuurobject moet dus ook digitaal een eigen kenmerk meekrijgen. Dat is essentieel om ook digitaal cultuurinformatie buiten de context van de instelling eenduidig te kunnen identificeren. Daarbij is de blijvende vindbaarheid en de mogelijkheid om online informatie te bevragen, aan te passen en soms te verwijderen belangrijk.

Linkrot

Webadressen die niet meer werken, ook wel linkrot genoemd, vormen één van de grootste ergernissen op internet. Was linkrot enkele jaren geleden alleen een simpele bron van irritatie, met de intrede van het op grote schaal uitwisselen van digitale bronnen is het uitgegroeid tot een veel groter probleem.

Denk aan het verwijzen naar digitale publicaties via sociale media, literatuuroverzichten of platforms zoals Europeana. Op grote schaal wordt (cultuur)informatie automatisch verzameld en op andere websites hergebruikt. Het veranderen van het oorspronkelijke adres betekent dat de links naar de oorspronkelijke informatie opeens niet meer werken. Het gebruik van persistente identificatie biedt hier een oplossing voor.

Een voorbeeld van linkrot

Wanneer pas je identificatie toe?

Direct bij de creatie van digitale informatie moet een digitaal bestand eenduidig te identificeren zijn. Het toekennen van een identificatie is het belangrijkste onderdeel van het beschrijven van digitale informatie, ook voor een cultuurinstelling. Via identificatie kun je gerelateerde informatie verbinden aan een object. Denk bijvoorbeeld een digitale reproductie die gerelateerd is een het originele object, een taxatierapport bij datzelfde object of een schilderijbeschrijving voor een tentoonstelling die hoort bij het originele schilderij. Mensen en machines moeten eenduidig naar iedere eenheid van de digitale informatie (zoals een versie, een object of een verzameling) kunnen verwijzen.

Duurzame verwijzingen

Het is essentieel dat de digitale verwijzingen onveranderlijk zijn en dat het gebruik ervan door anderen geen speciale voorkennis vereist. Zo’n verwijzing moet vandaag werken, maar ook in de toekomst, afhankelijk van hoe lang de informatie moet blijven bestaan. Het streven is dan ook om identificatie mogelijk te maken die blijvend is (ook wel persistent genoemd) gedurende een bepaalde periode. Voor duurzame en breed toepasbare toegang tot je digitale cultuur, sluit je als erfgoedinstellingen aan bij (inter)nationale ontwikkelingen en generieke oplossingen voor identificatie in de vorm van Persistent Identifiers.

Wat is een Persistent Identifier?

Een Persistent Identifier is dus een unieke identificatiecode die centraal wordt geregistreerd en die een zekere tijd gegarandeerd blijft werken, ook als het webadres van een organisatie verandert.

De Persistent Identifier is te vergelijken met het Internationaal Standaard Boeknummer (ISBN) dat wordt toegekend aan elke boekuitgave. Er zijn internationale afspraken gemaakt over hoe dit unieke identificatienummer wordt toegewezen en door wie. Centraal wordt bijgehouden welk ISBN bij welk werk hoort. Voor Persistent Identifiers werkt dit vergelijkbaar.

Wanneer een object een Persistent Identifier krijgt, wordt het met de gegevens over het object centraal geregistreerd. Dit geldt ook voor de locatie van het object. Zodra er een wijziging plaatsvindt in naam of locatie, wordt dit op centraal niveau bijgewerkt en wordt er een verwijzing naar de nieuwe locatie opgenomen. De PID verwijst zo altijd naar de meest recente locatie van het object.

Betekenisvolle verbanden

Persistente identificatie speelt een belangrijke rol bij Linked Open Data. Alle Linked Open Data moet voorzien zijn van een unieke identificatie; dus niet alleen webpagina’s, maar ook fysieke objecten, metadata, begrippen, etc. Hierdoor moeten machines in staat zijn data te begrijpen waardoor ze automatisch nieuwe verbanden leggen en nieuwe kennis kunnen genereren. Voor cultuur betekent dit bijvoorbeeld dat toneeluitvoeringen automatisch verwijzen naar het oorspronkelijke werk en de regisseur. En dat de naam van de regisseur weer verbonden is aan andere uitvoeringen van zijn hand. Op die manier ontstaat op den duur een rijke digitale culturele collectie van Nederland.

Gebruik van Persistent Identifiers

Er zijn verschillende soorten persistent identifiers. Enkele grotere culturele instellingen zoals DANS, het Rijksmuseum, de Koninklijke Bibliotheek en het Nationaal Archief maken al gebruik van Persistent Identifiers. In de nabije toekomst worden PID‘s steeds belangrijker en daarom werkt een aantal voorlopers aan gedeelde oplossingen die eenvoudig en betaalbaar zijn. Het Netwerk Digitaal Erfgoed (NDE) is in 2015 een project gestart om gebruik en implementatie van Persistent Identifiers binnen het Nederlandse erfgoedveld te vergemakkelijken en te bevorderen.

Aan de slag met persistent identifiers?

Als je zelf aan de slag wil om linkrot tegen te gaan, kan je terecht op op de Pidwijzer.

Meer weten?

Deel dit artikel