Direct naar de inhoud Direct naar het menu Direct naar de zoekfunctie Direct naar de footer

Wie zijn onze gebruikers en wat willen ze?

Met de kerngroep uit het project Samenwerking Sectorbrede Digitale Infrastructuur Podiumkunsten hebben we in kaart gebracht wie de doelgroepen zijn voor het digitaal archief, en wat zij nu willen.

Bij het onderzoeken van de doelgroepen, hebben we gekeken naar drie hoofddoelgroepen: de interne gebruikers, educatie en algemeen publiek.

Interne doelgroep

Bij het uitwerken van de interne doelgroep, werd een helder en gedetailleerd beeld geschetst van de interne doelgroep: er ontstond een onderscheid in collega’s op kantoor, de makers, en interne medewerkers die niet op kantoor zitten, zoals technici. Alle interne doelgroepen werden door de deelnemers herkent, met de kanttekening dat sommige taken bij verschillende deelnemers samengevoegd zijn, afhankelijk van de grootte van de organisatie. Hiermee worden de verantwoordelijkheden soms binnen één functie samengevoegd. 

Educatie

De doelgroep educatie kent een onderscheid tussen een aanbod dat op scholen is gericht, en een educatief aanbod dat voor algemeen publiek bedoeld is. Daarnaast zijn er nog de professionele en semi-professionele gebruikers. Voor educatie is daarom onderscheid gemaakt in drie hoofdgroepen, te weten Primair onderwijs en Voortgezet onderwijs, (Semi-)professioneel en Individuele bezoekers. Dit onderscheid is relevant, omdat deze doelgroepen ieder een ander instapniveau hebben wat betreft de inhoud. Dat wil niet zeggen dat inhoud die ontwikkeld wordt voor PO en VO, niet ook relevant kan zijn voor de andere twee groepen. Het houdt wel in dat de introductie of vorm, waarin deze inhoud gepresenteerd wordt, anders is per doelgroep.

Algemeen publiek

Bij algemeen publiek kwam er enerzijds input op leeftijdsgroepen waarvoor producties worden ontwikkeld. Een onderscheid dat zich online ook aandient. Daarnaast wordt online ook meer thematisch naar de bezoekersgroepen gekeken. De kerngroep erkent het belang van het bedienen van liefhebbers van een bepaald thema, of dat nu hangt aan een vorm (opera, dans, muziek, toneel) of aan het onderwerp van een voorstelling. Bij het nadenken over het algemene publiek werd, meer dan bij de interne doelgroep of educatie, direct vanuit de gebruikersvraag gedacht. Centraal in het denken over deze doelgroep stond het online delen van registraties van een voorstelling.

Interessant om hier uit te lichten zijn de genre gerichte bezoekers en de thematische kijkers. Dit zijn publieksgroepen die zich niet gericht aan één instelling binden, maar interesse hebben in een bepaalde vorm of een bepaald thema en daar hun keuzes op baseren. Als we nadenken over de inrichting van een online aanbod, is het belangrijk om deze onderscheidende waarden mee te nemen.

Verder zijn de donateurs uitermate belangrijk voor de instellingen. Deels hebben de donateurs dezelfde gebruikerswensen als andere publieksgroepen, deels wijken deze hier van af. Donateurs zijn bijvoorbeeld ook op zoek naar het exclusief inhuren van een bepaalde voorstelling.



Overzicht Doelgroepen Algemeen Publiek

Wat maken we voor ons online publiek?

Na het uitwerken van de doelgroepen zijn we verder na gaan denken over welke behoeften er bij die doelgroepen leven. We hebben met elkaar gesproken over wat er online voor het publiek aangeboden kan worden, wat live niet kan. En hoe online en fysiek in elkaars verlengde liggen of elkaar zelfs kunnen versterken. Iedereen herkent hierin het belang van online kanalen voor marketing, kaartverkoop, in relatie tot de live voorstellingen of concerten. Waar online nog een ondergeschikte rol speelt voor de meeste instellingen is de rol die het kan vervullen op het gebied van ‘digital storytelling’. Bijvoorbeeld voorafgaand, of na het live bezoek. De huidige situatie is dat storytelling voor podiumkunstinstellingen nog voornamelijk op locatie, en niet online plaatsvindt. Holland Festival biedt wel online voorstellingen aan. Dit zijn voorstellingen die voor online distributie zijn gemaakt en geen fysieke component hebben. Holland Festival is hiermee de enige instelling in de kerngroep die een dergelijk aanbod heeft.

De gedragsprofielen die NDE heeft ontwikkeld voor digitaal erfgoed hebben we als uitgangspunt genomen.

Opvallend bij de gebruikersproposities was dat de ontwikkelde gedragsprofielen voor online erfgoed door de deelnemers gemakkelijk werd geadapteerd voor podiumkunsten. Voor enkele gedragsprofielen is gezamenlijk vastgesteld dat deze een andere invulling krijgen dan bij online erfgoed het geval is. Vooraf hebben we met elkaar ter illustratie een aantal voorbeeldvragen besproken per gedragsprofiel:

  1. Gericht informatie verwerven
    Welke dansers dansten er mee in dat stuk? Wanneer was de première van dat stuk?
  2. Browsen & ontdekken
    Door het aanbod van voorstellingen bladeren, verder klikken en ontdekken aan de hand van een bepaalde voorstelling
  3. Intens beleven
    Online theater, opera, dans of festivals beleven
  4. Creëren met objecten
    Zoals Rijksstudio. In podiumkunsten valt te denken aan opvoeren van stukken door semi-professionele of amateur instellingen. NB: Objecten definiëren we hierbij als registraties, foto’s, scripts, partituren..
  5. Creëren met datasets
    Nieuwe apps/websites op basis van bestaande data: zoals een overkoepelende theater/dans/opera/festival-site - bijvoorbeeld theaterencyclopedie.nl
  6. Co-creëren in een community
    Zoals het toevoegen van meta-data in het project Vele Handen
  7. Leren
    In specifiek educatief kader: educatieve website of app
  8. Gamen
    Spellen maken met erfgoed, zoals memory van theaterstukken

De vindbaarheid van concrete informatie bij een voorstelling (‘wanneer was de première?’ of ‘wie speelden er mee?’) blijkt een belangrijke propositie om in te vullen, net als het aanbieden van registraties. Uit bezoekcijfers van de huidige pagina’s blijkt dat de feitelijke informatie van een voorstelling vaak wordt geraadpleegd. Verder leeft sterk de indruk dat het aanbieden van registraties voorziet in een behoefte van het online publiek. Verder onderzoek moet uitwijzen of dit inderdaad het geval is.

Daarnaast kwamen er meer opvallende proposities naar boven, zoals de vraag wat het kost om een bepaalde voorstelling exclusief te huren, of de vraag om (elementen van) voorstellingen te kunnen linken aan collecties van musea of andere podiumkunstinstellingen. Ook de concrete wens om de speellijsten (eenvoudig) op een extern platform te kunnen combineren bleek relevant voor de deelnemers.

Nu we met elkaar deze kaders hebben geschetst, gaan we kijken naar welke faciliteiten er aan bij kunnen dragen om de zichtbaarheid te vergroten. Nu we inzicht hebben in wat we op willen slaan en voor wie, kunnen we met elkaar onderzoeken naar hoe we dat het beste kunnen doen. In de komende maanden ligt hierop onze focus.

 


Gebruikersproposities algemeen publiek

Wil je meer weten over het project Samenwerking Sectorbrede Digitale Infrastructuur Podiumkunsten? Neem contact op met projectleider Tanja Zuijderwijk of DEN'er Marcus Cohen.

Contactpersoon: Tanja Zuijderwijk

Contactpersoon: Tanja Zuijderwijk

Projectleider Samenwerking Sectorbrede Digitale Infrastructuur Podiumkunsten

Tanja werkt als zzp-er aan het project Samenwerking Sectorbrede Digitale Infrastructuur Podiumkunsten. Daarnaast werkt ze als digitaal projectleider in de cultuursector aan uiteenlopende digitale projecten voor o.a. het Mauritshuis, Het Nieuwe Instituut en Netwerk Digitaal Erfgoed. Als inhoudelijk projectleider met kennis van techniek en maakproces van digitale platforms is Tanja de ideale gesprekspartner als het gaat om digitalisering binnen de cultuursector.

Contactpersoon: Marcus Cohen

Contactpersoon: Marcus Cohen

Adviseur

Neem contact op met Marcus:


070 314 03 56
Deel dit artikel