Cookies op DEN.nl
den.nl maakt gebruik van cookies voor het anoniem meten van het website bezoek en het vergroten van het gebruiksgemak. Door op 'ga verder' te klikken, geef je toestemming voor het gebruik van deze cookies.

Verslag dag 1 Digitaal Erfgoedconferentie 2006


Dag 1 (12 december 2006) van DE conferentie 2006

Erik Walsmit, hoofd informatiebeheer bij het Zuiderzeemuseum, heeft een uitgebreid verslag geschreven van de sessies waaraan hij tijdens DE conferentie heeft deelgenomen.
Hij was zo vriendelijk zijn bevindingen beschikbaar te stellen aan DEN, en toestemming te geven voor publicatie op de website.


Openingswoord door de dagvoorzitter (Jos Taekema, directeur DEN)
Het openingswoord werd gehouden door dagvoorzitter Jos Taekema, directeur van DEN, die memoreerde dat deze 3de DEN conferentie zeer snel volgeboekt was. Hij concludeerde daaruit dat er kennelijk veel behoefte bestaat aan zo’n mogelijkheid om kennis te delen.
DEN viert dit jaar haar tienjarig bestaan. Voor een terugblik op die tien veelbetekenende jaren geeft hij het woord aan Bert Lever, directeur van het Centraal Bureau voor de Genealogie en voorzitter van de Raad van Toezicht van DEN.

"Tien jaar DEN" (Bert Lever, directeur Centraal Bureau voor de Genealogie)
Een terugblik door de voorzitter van de Raad van Toezicht van DEN.  Er is in tien jaar veel gebeurd. Erik Ketelaar, algemeen rijksarchivaris, was tien jaar geleden de initiator van het digitaal ontsluiten van archieven. Het internet was toen in opkomst en de eerste pogingen om de archieven digitaal te ontsluiten tekenden zich af. Gedigitaliseerde stukken uit de archieven waren er toen nog niet. Op 10 juni 1996 werd het Consortium Digitaal Erfgoed opgericht met als doelstelling dat bij de ontwikkeling van nieuwe informatiestromen en nieuwe media mensen geholpen dienden te worden, anders bestond het gevaar dat iedereen zijn eigen systeem, sleutels en codes zou gaan uitvinden. Dit consortium was in de eerste plaats een platform voor de uitwisseling van informatie, voor samenwerking en overleg. Uit dit consortium is toen een vereniging opgericht, de vereniging Digitaal Erfgoed Nederland, DEN. Het eerste beleidsplan werd opgesteld door Riemer Knoop, Rik Vos en Bert Lever. Er waren 30 lidinstellingen en Jos Taekema werd directeur. Bij de oprichting op 19 maart 1999 werd een symposium gehouden.
De hoofddoelstellingen van DEN zijn het vaststellen en invoeren van standaarden en een transparante publieksinterface bewerkstelligen. In april 2002 ging de Cultuurwijzer als aparte publiekswebsite van DEN de lucht in. De site werd gepresenteerd in de Nieuwe Kerk te Den Haag. De Cultuurwijzer werd een website die het publiek toegang gaf tot het culturele erfgoed in Nederland. De site bood in wisselende thema's een schat aan informatie. Deze thema's gaven toegang tot onderliggende informatie.

De hoofdpunten in de beleidsperiode 2001-2004, waren:


Bij de beleidsperiode 2005-2008 waren dat:
Keynote: Danielle Boily (CHIN) "The Next Generation of the Virtual Museum Canada"
CHIN is altijd een voorbeeld geweest voor DEN. Danielle Boily begint haar lezing met een terugblik op de 24 jaar dat zij bij CHIN werkzaam is. Hoogtepunten in de geschiedenis van CHIN zijn:
Virtual Museum of Canada
De website van het Virtual Museum of Canada is opgedeeld in een aantal secties:
Hoe zal de nieuwe generatie van het VMC er uit gaan zien? Onderwerpen die zeker de aandacht zullen krijgen zijn:
Bij CHIN worden allerlei onderzoeken gedaan naar het bezoek aan de website. Er wordt van alles ondernomen om de bezoeken te bevorderen.
Het gaat hierbij niet zozeer om het aantal hits maar meer om de bezoekers langer op de site te laten rondkijken. Bij de nieuwe generatie is het ook de bedoeling om aan de content een persoonlijk element toe te voegen. De gebruiker wordt gevraagd om actief te participeren. Dit zal voornamelijk gebeuren met behulp van blogging en messaging. De uitwisseling van kennis op de CHIN-website vindt plaats door middel van online cursussen, peer-to-peer uitwisseling, kennisuitwisseling met experts, persoonlijke leermodules, groepsleermodules en leermodules met experts. Voor onderwijzers en studenten is het VMC Learning Centre of AGORA ontwikkeld die het Teachers Center gaat vervangen. VMC zal in de naaste toekomst sterk veranderen door de toenemende behoefte aan kennis en informatie. Het zal niet langer een podium zijn voor het aanbieden van informatie maar meer een podium voor interactie van kennis.

Sessie Erfgoed Interactief
1. “Playful media interactions”, Mark Vanderbeeken (Experientia) 
Mark Vanderbeeken is een van de oprichters van het experience design adviesbureau Experientia, een snel groeiend bedrijf dat in Turijn (Italië) is gehuisvest. Hij is daar, als communicatiespecialist, verantwoordelijk voor identiteitontwikkeling, visioning en communicatiestrategie. Hij is ook de geestelijk vader van Experientia's succesvolle Experience Design Blog "Putting People First" en twee andere blogs: "E-Democracy" over politieke participatie van burgers bij lokale overheden en "Playful and Tangible" over het speels leren omgaan met nieuwe interactieve installaties met name in musea. Experientia helpt bedrijven bij hun innovatieproces waarbij het uitgangspunt is dat de mens, de gebruiker, centraal blijft staan. Vanderbeeken en zijn collega's hebben allen jarenlange projectervaring. Zo zijn er tal van projecten uitgevoerd in de ervaringsgebieden foresight en visioning, understanding, design, prototype en tests.

Playful learning
Vanderbeeken toont innovatieve ontwikkelingen in het speels leren in een aantal voorbeelden. Bij al deze voorbeelden is de belevenis het uitgangspunt, "learning is fun and fun is learning".
Mac Arthur Foundation (www.macfound.org/)
Futurelab (www.futurelab.org.uk/)
Lego Serious play (www.seriousplay.com/)
Serious Games Initiative (www.seriousgames.org/index2.html)

Voorbeelden van Serious Games zijn:

Voorbeelden van interactieve media bij digitaal erfgoed

2. “Using technology to extend the visit beyond the museum walls” (Noortje Heijboer en Gus Maussen, Antenna Audio)
Antenna Audio verzorgt audiotours en andere zelfgeleide audio- en audiovisuele belevenissen voor musea, historische sites en andere culturele attracties. Het gebruik van de mobiele telefoon als audiotour medium is in ontwikkeling. Het is de bedoeling om het museumbezoek te verlengen door vooraf, tijdens en achteraf verschillende vormen van informatie aan te bieden. Vooraf kan dat zijn door middel van downloadable tours of personalised tour plans, tijdens d.m.v. mobiele audio-tours en achteraf bijvoorbeeld door een abonnement op podcasts te nemen. Podcasts zijn downloadable audio bestanden die beluisterd kunnen worden wanneer de gebruiker dat wil. Bij musea kan dat achtergrondinformatie zijn bij tentoonstellingen, b.v. de podcasts die uitgegeven zijn bij de Istanbul tentoonstelling in de Nieuwe kerk te Amsterdam. Voorbeeld van een audiovisuele belevenis in een museum is b.v. de Virtual Circle van het J. Paul Getty Museum. Hier is het mogelijk om thuis een persoonlijke tour samen te stellen die te printen is met een plattegrond. Een andere ontwikkeling is die van de bookmarking. Dat is een digitale boekenlegger waarbij interessante informatie bewaard kan worden voor later gebruik. Vodcasts zijn vergelijkbaar met podcasts maar dan kunnen in plaats van audiobestanden videobestanden worden gedownload. Bij het gebruik van deze audiovisuele belevenissen blijft het auteursrecht overigens een niet te onderschatten vraagstuk.


3. "De waarde van communitydenken en het belang van sociale relaties", Jeroen Loeffen (Villa Koopzicht)
Villa Koopzicht is een leverancier en producent van vernieuwende communicatie toepassingen. De projecten zijn gericht op het innoveren van communicatieprocessen van bedrijven, organisaties en publieke instellingen. Het communitydenken en het belang van sociale relaties is een meerwaarde voor het vaststellen van een marketing- en communicatiestrategie. Het is van belang dat de informatiestromen worden omgekeerd. Een voorbeeld van deze strategie is de Stichting Rebel Today (http://www.rebeltoday.nl/). Samen met verschillende groepen jongeren heeft Stichting Rebeltoday gewerkt aan de ontwikkeling van een laagdrempelig internet communicatie platform. Dit wordt gebruikt voor het gemakkelijk maken en onderhouden van webkranten (sites) en is voorzien van veel handige communicatiefuncties voor zelfstandig werkende redacties. Inmiddels is de derde release een feit en is het een volwassen systeem geworden. Andere voorbeelden van communitydenken zijn:
 

Bij al deze voorbeelden heeft Villa Koopzicht het template van de website ontworpen, eenvoudig van opzet maar erg effectief bij het gebruik door communities.

Sessie Shared Workspaces en Interactiviteit
"Cataloging and Web 2.0", Elaine Peterson (Montana State University)
De term Web 2.0 verwijst naar wat sommigen zien als de tweede fase in de ontwikkeling van het World Wide Web. Het gaat over de verandering van een verzameling websites naar een volledig platform voor interactieve webapplicaties voor eindgebruikers op het World Wide Web. Deze lezing van Elaine Peterson gaat over de ontwikkeling van de traditionele registratie naar een registratie waarbij de invloed van de bezoeker mogelijk wordt. De term folksonomy verwijst hiernaar. De nieuwe trend is gezet: sociale software op het web is in opmars! Diensten als Basecamp (samen werken aan projecten), Hyves (netwerk van vrienden opbouwen en beheren), Flickr (on line fotoalbum), maar ook de on line encyclopedie Wikipedia hebben allemaal één ding gemeen: wij, de gebruikers, drijven deze sites. Bovendien kunnen we bij het merendeel van deze sites de informatie zelf ordenen door ‘tags’ aan de objecten, zoals foto’s, te koppelen. Een dergelijk systeem wordt ook wel een folksonomy genoemd: het indelen van objecten door grote groepen gebruikers. Dit in tegenstelling tot een taxonomie, waarbij dat door een (deskundige) autoriteit wordt gedaan op basis van vaststaande categorieën. De vraag werd nu gesteld of beide vormen van catalogiseren naast elkaar voor kunnen komen.

Traditionele vorm van catalogiseren en registreren is:

"Shared learning spaces", Peter Sloep (Open Universiteit)
Zijn onderzoek richt zich op de toepassing in het onderwijs van social software, software die sociale interacties in online leeromgevingen helpt stimuleren en onderhouden; nevenonderwerpen zijn de toepassingen in het onderwijs van "open content", "open source" en interoperabiliteitsstandaarden. "Technologische vernieuwing leidt tot de productie van artefacten. Kennis van artefacten is vluchtig, achterhaald en overbodig zo gauw het artefact verdwijnt. Kennis en vooral kennis over geavanceerde technologieën, wordt een wegwerpartikel met een steeds kortere halfwaardetijd".

"Ondergrond.org", (Geert Jansen, Buro Knapzak)
Platform voor de Nederlandse straatkunst: Ondergrond.org  Om de mogelijkheden van deze innovatie te visualiseren hebben zes studenten van de European Media Master of Arts van de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht in opdracht van het Telematica instituut een voorbeeld van een folksonomy binnen een Nederlands cultureel domein gemaakt. Ondergrond.org is een platform voor de Nederlandse straatkunst. Met Ondergrond.org kunnen gebruikers foto’s en video’s van de straatkunst in hun omgeving uploaden en annoteren met gegevens over de plaats van het werk, emoties, genre, het medium (graffiti, sticker, e.d.), etc. Doordat de gebruiker actief betrokken is bij het organiseren van de data, kan het systeem gebruikersgedrag registreren en van daaruit suggesties doen en specifieke informatie aanbieden.

-----------------------------------------------------------


Laatst gewijzigd: 05-11-2012

6 plus 7 is:*
(anti-spam)

Reacties (0)

Er zijn nog geen reacties geplaatst.