Cookies op DEN.nl
den.nl maakt gebruik van cookies voor het anoniem meten van het website bezoek en het vergroten van het gebruiksgemak. Door op 'ga verder' te klikken, geef je toestemming voor het gebruik van deze cookies.

Abstracts en presentaties dag 1 - Digitaal Erfgoedconferentie 2008



9 december 2008
Abstracts en presentaties van dag 1 van de Digitaal Erfgoedconferentie 2008.
Er is ook een PDF met sprekersinformatie van alle sprekers op dag 1 en 2.

Eerst alles op orde? Uitstel geen afstel?

Debat 1: Vincent de Keijzer, Christiaan te Strake, Theo Meereboer

Eerst alle beschrijvingen bij objecten foutloos! Eerst de totale collectie in digitale vorm beschikbaar! Eerst goedkeuring van de conservator! Het lijken plausibele redenen om het digitaal aanbieden van erfgoedinformatie nog even uit te stellen. Om nog maar niet te spreken van het regelen van auteursrechten… Of is het misschien toch verstandig om gewoon te beginnen, voordat je erfgoed een ons weegt? Omdat je, als je eerst alles op orde probeert te krijgen, altijd achter de feiten aanloopt en het hedendaagse internetpubliek misloopt? Of moet je dat publiek misschien een rol geven in het op orde maken van je digitale collectie?

Abstract
Musea digitaliseren in toenemende mate hun collecties en de daarbij behorende registratiesystemen. Maar wanneer ben je nu klaar voor het web? Moet een instelling gewoon alles publiceren wat je hebt, rijp en groen, beschreven en onbeschreven, vanuit de gedachte: "Go where the action is"? Of  zou je eerst moeten investeren in integrale ontsluiting en digitalisering en pas daarna in publicatie op het web?  Tenslotte kun je je geld maar één keer uitgeven en je krijgt je collectie nooit meer op 'digitale' orde, als je vroegtijdig gaat investeren in webapplicaties. En wat betekent dat publiceren op het web voor je rol als museum? Ondermijnt een instelling zijn eigen bestaansrecht door alles te publiceren en van het publiek een curator te maken? Of versterk dit juist zijn positie? Heeft het zin om al je foto's op Flickr te zetten? Wat voor bijdrage levert een instellingsprofiel op Hyves nu aan de missie van de organisatie? Wat vindt u daar eigenlijk van?


Presentatie Vincent de Keijzer



Presentatie Christiaan te Strake



Presentatie Theo Meereboer
 

Open: bedreiging of kans?

Debat 2: Dick Rijken, Paul Keller

Het wordt wel eens gezegd: als het niet meer digitaal is, bestaat het niet meer. Wil je nog jongeren bereiken, dan moet je je collecties open gooien, naar buiten gaan. Maar er bestaat ook nog altijd de angst dat bezoekers niet meer naar de instelling komen wanneer alles op internet te vinden is. Hoe verhouden de digitale collecties zich nu tot de fysieke collecties? Is de digitale collectie nu een vervanging, een verrijking of een bedreiging? Streef je naar volwaardige, integere digitale archieven of hoef je niet zo nauw te nemen met kwaliteitsbewaking, omdat je altijd terug kunt vallen op de fysieke collectie? 


Presentatie Dick Rijken


Presentatie Paul Keller

 

Keynote 3

Bill Thompson


 

Overal erfgoed

Presentatiesessie 1: Tom van de Ven (TENQ), Liesbeth Weijs (PDC), Wim-Jan Kolpa (Tijdsbeeld Media) 

Je kunt er als erfgoedinstelling voor kiezen om te digitaliseren voor je eigen website. En dan maar hopen dat vele geïnteresseerden naar je site komen! Een voordeel van het gebruik van open standaarden bij digitalisering is echter dat de digitale bronnen gemakkelijk uitgewisseld en hergebruikt kunnen worden. Je kunt ze zelf naar buiten brengen, maar ook kunnen andere organisaties, zoals de creatieve industrie, er op afstand spannende dingen mee doen In deze sessie laten we inspirerende voorbeelden van hergebruik van digitale informatie voor verschillende doeleinden zien.

Tom van de Ven
Jongeren en cultuur - lekker boeien!
Jongeren interesseren zich niet voor cultuur, historie of maatschappij? Een misvatting! TENQ laat zien hoe je jongeren op hun eigen manier kunt laten bijdragen aan goede doelen en hun eigen gezondheid. TENQ bereikt dagelijks 300.000 jongeren in Nederlandse scholen en biedt ze een eigen platform. Dit platform gebruikt TENQ om het (kraan)water drinken te promoten en jongeren bewust te maken van de waterproblematiek in de derde wereld. Maar TENQ is er ook voor de promotie van sport, gezondheid, kunst en cultuur in de breedste zin van het woord. Tom van de Ven legt uit op welke wijze TENQ gebruikt kan worden voor de (regionale) promotie van culturele instellingen, en promotie van het cultureel erfgoed.

Liesbeth Weijs
De mens als informatie verwerkend vluchtdier
Hoe kan je door slim gebruik te maken van informatie van anderen informatie-modules maken die de gebruiker niet alleen de kern bieden maar ook overzicht en samenhang met andere onderwerpen. De mens is van oorsprong een vlucht- en kuddedier. Hoe moet je daar in deze tijd van informatie overvloed op inspelen ? En hoe creëer je een informatieve omgeving die doelgroepen op het juiste niveau aanspreekt zonder dat je veel verschillende websites moet onderhouden? Naast een korte uitleg van het concept wordt aan de hand van werkende praktijkvoorbeelden getoond welke mogelijkheden PDC hierin ziet.

Wim-Jan Kolpa
Het verleden tot leven brengen; uitgeefmodel naar de consument!
Het verleden speelt voor steeds meer mensen een rol van betekenis. Hoe dichterbij dat verleden kan komen, hoe meer emotie het oproept. Emotie en interesse zijn de belangrijkste ‘dragers’ van de titels die uitgever/producent Tijdsbeeld Media uit Hilversum met haar audiovisuele-producties weet op te roepen. NostalgieNet is het themakanaal dat landelijk bereik heeft via TV en het verleden tussen de jaren 50 en 80 op een positieve manier tot leven brengt. Wim-Jan Kolpa (partner van TBM Holding) belicht hoe een multimediaal uitgeefmodel kan bijdragen aan de exploitatie en doelstellingen van erfgoedinstellingen.




Vindbaarheid voor en door gebruikers

Presentatiesessie 2: Sander Limonard (TNO),  Harry van Vliet en Erik Hekman (PACE)

Sommige doelgroepen bereik je alleen door ervoor te zorgen dat je je op plaatsen op internet laat zien waar zij uithangen. En dat zijn niet per definitie erfgoedsites. Bij het zichtbaar maken van erfgoed op het web wordt de rol van het publiek steeds belangrijker. Daar kun je op inspelen, door bij voorbeeld je doelgroepen de kans te geven tags toe te voegen aan digitale erfgoedinformatie of om eigen kennis online te delen. Je kunt je bezoekers ook helpen door te laten zien welke zoekacties populair zijn bij andere bezoekers.

Sander Limonard
De kunst van het loslaten. Organisatorische en technologische afwegingen in het on-line ontsluiten van collecties

Instellingen hebben een veelheid aan mogelijkheden om hun collecties on-line te zetten. Web 2.0 en de actieve rol die gebruikers hierin spelen wordt vaak genoemd als een beloftevolle richting in de zoektocht naar een groter en breder publiek. ´Social tagging´, ´collaborative content creation´ en het ontsluiten van minder bekende of lokale collecties in de ´long tail´ zijn termen die regelmatig terugkomen. De vraag is of dit altijd tot het gewenste resultaat zal leiden. Instellingen blijken het door hen beheerde materiaal niet ´zomaar´ on-line te zetten. Vrees voor inbreuk op de integriteit van erfgoed en collecties, reputatieschade voor instellingen maar ook diverse auteursrechtelijke kwesties lijken een grote doorbraak in het online onstluiten van digitaal erfgoed in de weg te staan.

In deze presentatie gaat TNO dieper in op de manier waarop technische mogelijkheden, business modellen en doelstellingen van cultureel erfgoed instellingen op elkaar inwerken. Aan de hand van nieuwe technologische ontwikkelingen en een aantal voorbeelden uit aanpalende domeinen bespreekt Sander Limonard verschillende manieren om het publiek te betrekken in het beheren, onderzoeken en presenteren van on-line collecties.

Harry van Vliet & Erik Hekman (PACE)
Verrijken, Verhalen, Verbinden: Publieksannotatie van Cultureel Erfgoed (PACE)

Ons cultureel erfgoed is niet volledige beschreven, de beschrijvingen die er zijn, zijn niet allemaal digitaal beschikbaar zijn, die beschrijvingen die er zijn, zijn minimaal en ondersteunen ook niet de publieksfunctie. Bij het online gaan van collecties wordt veelal van dezelfde collectiebeschrijvingen gebruik gemaakt. Daardoor spiegelen de problemen van de fysieke collectie zich in vele manieren in de digitale presentatie: de informatie is strak gestructureerd langs de doelen van het museum, zoals in specifieke tentoonstellingen en educatieve programma’s; het taalgebruik is vaak gespecialiseerd en technisch; het object is ingebed in een context die niet appelleert aan het perspectief van de bezoeker maar uitsluitend aan een kunsthistorische context door de aanduiding van een genre of een kunsthistorische periode; of het object is juist volledig gedecontextualiseerd doordat het niet naast andere artefacten wordt geplaatst maar slechts bestaat uit bijvoorbeeld het tonen van een database-record.

Kortom: collecties zijn beschikbaar maar niet toegankelijk, ze zijn beschreven maar niet begrijpelijk. Vanuit de publieksfunctie van cultureel erfgoed instellingen en de sterke toename van bezoekers die zelf online willen zoeken, zal de beschrijving van culturele artefacten meer een reflectie moeten gaan vormen van de interesses en perspectieven van het publiek om ze meer toegankelijk te maken. In het project PACE werken musea en kennisinstellingen samen om de toegang en vindbaarheid van collecties te vergroten.

Er wordt specifiek gekeken naar drie aspecten:
  1. de inzet van 'amateurs' voor het verrijken van collecties;
  2. de relatie tussen de online collecties en de fysieke locatie van het museum;
  3. de relatie tussen tagging en story telling.
Het project PACE pakt deze (crossmediale) vraagstukken aan door het ontwikkelen van een open source social tagging tool en door deze via verschillende iteraties in te zetten bij de deelnemende instellingen waarbij nauwgezet de publieksinteractie wordt onderzocht. Het project resulteert dan ook in een beschikbaar social tagging tool, best practices over de inzet van social tagging in een museale context, publieksonderzoek naar de inzet en effecten van social tagging, onderzoeksgegevens over publieksinteracties, en diverse publicaties en presentaties over de projectervaringen. De eerste pilotfase is gestart in september middels de website www.ikweetwatditis.nl. In het project PACE nemen deel: Universiteitsmuseum Utrecht, Museon, Naturalis, Beeld & Geluid, BMC Adviesgroep, Telematica Instituut en Hogeschool Utrecht. Het project wordt gesubsidieerd middels de regeling 'Digitaliseren met Beleid' van OCenW.



Martijn Snel
Reliwiki - Vergroot het bereik van de kennis over religieus erfgoed van 400 mensen naar 17 miljoen

In het kader van 2008, Jaar van het Religieus Erfgoed heeft de bijbehorende stichting opdracht gegeven een blijvend systeem achter te laten die deze sector nog jaren kan gebruiken. Gekozen is om het meest complete bestand dat over religieuze gebouwen te vinden is, de zogenaamde Sonneveld-collectie, te ontsluiten via een Wikimedia website. Wat zijn daarbij de haken en ogen? Welke risico's loop je en wat is het uiteindelijke resultaat? Vindbaarheid en community building in het Web2.0-tijdperk.

 
-----------------------------------------------------------


Laatst gewijzigd: 05-11-2012

7 plus 7 is:*
(anti-spam)

Reacties (0)

Er zijn nog geen reacties geplaatst.