De maker van een werk kan in de meeste gevallen zelf bepalen of hij aanspraak wil houden op de vruchten van zijn creatieve arbeid. Zo kan de auteur besluiten om zijn werk op commerciële wijze te exploiteren, of hij kan besluiten zijn werk vrij toegankelijk te maken, zodat de hele wereld er van kan profiteren. Met name in de computerwereld bestaat er een grote groep auteurs die de door hen gemaakte werken, in dit geval computerprogramma’s, vrij ter beschikking stellen aan het publiek.
Open Source
Open Source wordt gezien als een alternatief gebruik van auteursrecht. Het gaat daarbij niet om de toe-eigening van rechten door individuen of bedrijven voor commerciële exploitatie, maar om de beheersing en controle over het gebruik. Het gaat hier om de collectieve ontwikkeling van producten (software) op basis van gepubliceerde broncode die in principe iedereen in staat stelt om verder te ontwikkelen. De meeste software is zg. proprietary software. Daarbij wordt de broncode niet openbaar gemaakt en ontwikkelt de producent een applicatie voor de markt.
Open Source software kan echter niet zo maar vrij gebruikt worden door iedereen. Op het moment dat iemand een deel van de software die Open Source ontwikkeld is, toepast op een eigen stuk software, dan is hij verplicht ook die software de status van Open Source te geven.
In open source modellen wordt het auteursrecht juist gebruikt om materiaal voor het publieke domein te bewaren. Daartoe wordt een zogenaamde Open Source licentie bijgevoegd. Iedereen mag aanvullingen of verbeteringen maken voor de software en deze verder verspreiden. De licentie verleent iedereen toestemming om de broncode aan te passen of uit te breiden, bijvoorbeeld om fouten te repareren, om een efficiëntere implementatie te maken of om geheel nieuwe functionaliteit toe te voegen. Ook mag de software, al dan niet in gewijzigde vorm, vrijelijk verspreid worden. Voorwaarde is echter wel dat de software voorzien blijft van dezelfde Open Source licentie. Gebeurt dat niet, dan wordt er inbreuk gemaakt op het auteursrecht en kan verder gebruik worden verboden.
In de loop der jaren is een aantal verschillende licentievormen ontstaan, welke al naar gelang de inhoud, meer of minder vergaand zijn in het vrije gebruik van software. Een van de meest ‘extreme’ licentievormen is de General Public License (GPL). De GPL bepaalt dat een computerprogramma dat is onderworpen aan de GPL licentie, vrijelijk mag worden gekopieerd, bewerkt, gebruikt en gedistribueerd. Dit mag echter alleen indien de gebruiker zich akkoord verklaart met de voorwaarden die gesteld worden in de GPL. De belangrijkste bepaling is dat een werk of een bewerking daarvan alleen mag worden gedistribueerd onder de oorspronkelijke voorwaarden van de GPL. Met andere woorden, wanneer een programmeur een GPL open source software programma bewerkt tot zijn eigen aangepaste versie, dan kan hij geen aanspraak maken op de rechten uit het auteursrecht voor dit nieuwe werk, omdat hij akkoord is gegaan met de voorwaarden van de oorspronkelijke GPL. Het computerprogramma wordt dus beschermd door het auteursrecht en de GPL is de licentie die wordt verleend voor het gebruik. De licentie wordt echter niet aangewend om vrij gebruik van het computerprogramma door derden te beperken en de individuele maker te beschermen, maar juist om vrij gebruik zoveel mogelijk te stimuleren, vandaar dat deze benadering vaak wordt aangeduid met de term ‘copyleft’, het tegenovergestelde van ‘copyright’.
Een minder vergaande variant is de Lesser General Public License (LGPL). Deze licentievorm staat makers wel toe onder bepaalde voorwaarden hun aangepaste versie van een open source programma te onderwerpen aan hun eigen, strengere licentievoorwaarden, waardoor commerciële exploitatie van het programma mogelijk wordt. Zo zijn er nog meer licentiemodellen in gebruik.
Open Content
Het Open Source principe is niet alleen toepasbaar op software, maar in principe om alle soorten van creaties. In de wereld van de content-industrie wordt het principe ook toegepast en wordt het Open Content genoemd. Binnen de kunst, cultuur en wetenschap wordt open content steeds vaker toegepast. Voorbeelden zijn internetkunst, on-line boeken en wetenschappelijke artikelen. Wie materiaal in een open content-licentie op het internet beschikbaar stelt, behoudt wel zijn rechten op dat materiaal, maar geeft anderen toestemming het onder bepaalde voorwaarden gratis te hergebruiken en eventueel ook te bewerken. De auteursrechthebbende kan bijvoorbeeld als voorwaarde stellen dat er alleen niet-commercieel gebruik van het werk mag worden gemaakt. Een goed voorbeeld daarvan is Wikipedia. Wikipedia, de vrije encyclopedie, is een gemeenschapsproject met als doel in elke taal een complete encyclopedie op het web te creëren. Wikipedia is gratis te gebruiken om informatie te zoeken én om informatie toe te voegen.
De inhoud van Wikipedia valt onder de GNU Vrije Documentatie Licentie, is openbaar en mag onder de licentievoorwaarden vrij worden verspreid. De GFDL is een licentie die gebruikt wordt om materiaal onder bepaalde voorwaarden vrij verspreidbaar te maken. In het kort betekent het ongeveer dat de lezer de tekst mag kopiëren, veranderen en verkopen, maar dat hij (zelfs al verandert hij de tekst) de tekst steeds onder de GFDL moet vrijgeven.