Cookies op DEN.nl
den.nl maakt gebruik van cookies voor het anoniem meten van het website bezoek en het vergroten van het gebruiksgemak. Door op 'ga verder' te klikken, geef je toestemming voor het gebruik van deze cookies.

meSch: vier jaar verder. Wat hebben we er van geleerd?

22 februari 2017 - Wietske Van Den Heuvel




Afgelopen maand ben ik onder andere druk geweest met de afronding van het project meSch dat eindigde op 31 januari. Vier jaar lang hebben we bij DEN samen met elf andere instellingen aan dit project gewerkt. Over twee weken hebben we de laatste review door de Europese Commissie en in de tussentijd zijn we vooral druk bezig geweest met alle verantwoordingen, rapportages en laatste deliverables. Toch wil ik in deze blog even de tijd nemen om terug te kijken op het project en wat van mijn leermomenten met jullie te delen.

Meer over meSch

meSch staat voor ‘material encounters with digital cultural heritage’ en in het project hebben we verschillende dingen ontwikkeld die deze ‘encounters’ of ontmoetingen mogelijk maken. Zo is er een platform gemaakt waarmee erfgoedprofessionals interactieve tentoonstellingen kunnen maken met objecten en digitale collecties. Daarnaast is er een meSchkit samengesteld met verschillende soorten sensoren, een miniprojector en een tablet.


De meSch kit

Zo kun je als tentoonstellingsmaker zonder enige programmeerervaring aan de hand van een bestaand of eigen recept, replica’s van objecten zo programmeren dat ze verschillende soorten afbeeldingen uit Europeana of andere digitale collecties bij verschillende objecten tonen. Je zou ook een scenario kunnen verzinnen waarbij objecten oplichten of waarbij je samen moet werken met andere bezoekers in een soort game. De mogelijkheden zijn eindeloos.
 

Wat hebben we er van geleerd

In het project was DEN werkpakketleider voor disseminatie en exploitatie en hebben we in het begin van het project een onderzoek opgeleverd naar collecties die hergebruikt kunnen worden en de consequenties daarvan voor het gebruik van bepaalde standaarden. In het eerste half jaar heb ik me vooral bezig gehouden met dit onderzoek en daarna ben ik aan de zijlijn betrokken geweest. In het laatste jaar heb ik het stokje overgenomen van Monika Lechner als werkpakketleider voor disseminatie en exploitatie. Mijn leerpunten gaan dan ook vooral over projectmanagementachtige zaken en minder over de inhoud:
  1. Samenwerken met twaalf partners uit verschillende landen blijft in elk project een uitdaging. Alleen al het verschil in bedrijfscultuur: in Nederland zijn organisaties en met name DEN vrij plat en niet heel hiërarchisch, maar dat is niet in alle landen zo. Ook het met elkaar communiceren in een tweede taal kan soms wat spraakverwarring opleveren.
  2. Wat ik zelf ook nog wel eens lastig vond was het verschil in achtergrond. In dit project werken veel academici die op een heel andere manier tegen zaken aan kijken dan bijvoorbeeld erfgoedprofessionals. Zo wil je als tentoonstellingsmaker snel tot een resultaat komen, terwijl je als onderzoeker meer geïnteresseerd bent in het proces.
  3. De meeste projecten duren drie jaar. Vier jaar lijkt dan ook lang, maar je hebt die tijd toch echt nodig. Voordat je van de ontwikkeling van prototypes en verschillende testen tot een daadwerkelijk gebruiksvriendelijk product komt, gaat er veel tijd over heen. Dat laatste extra jaar is wat mij betreft juist cruciaal voor de afwerking.
  4. Er zijn duidelijke afspraken nodig over wie, wanneer ergens aan werkt.  Zeker met zoveel partners kan het voorkomen dat er net nieuwe updates worden uitgevoerd, terwijl een andere partner een demonstratie geeft aan de andere kant van de wereld.
  5. Skype en andere telco systemen zijn onmisbaar als je in zo’n netwerk werkt, maar niet alles kan op die manier afgehandeld worden en op sommige momenten moet je fysiek bij elkaar komen. Mijn ervaring met meSch, maar ook andere Europese projecten is trouwens dat planning en budget dat veel te weinig toe laten.
 
Tot slot toch nog twee leerpunten die betrekking hebben op de inhoud:
  1. Toegankelijkheid en laagdrempeligheid van de meSch en andere technologie zijn echt noodzakelijk. Zo is het maken van scenario’s en goede tentoonstellingen los van de techniek al lastig genoeg.
  2. Ook de context is bepalend voor succes van een bepaalde technologie: zeker wanneer locatie een grote rol speelt, ben je daarvan afhankelijk. meSch technologie toepassen in een voormalige loopgraaf in de bergen is iets heel anders dan een meSch toepassing binnen de muren van een museum. Neem deze factoren dus mee in de ontwikkeling.  


meSch technology in het Hunt Museum Limerick


Hoe nu verder?

meSch is een mooi voorbeeld van een succesvol project. De beloofde technologie is opgeleverd, uitgebreid getest, werkt goed en is zelfs al verkocht aan een derde partij. Ook zijn er veel mogelijkheden voor verdere exploitatie. Op dit moment zit er geen vervolgproject in de pijplijn. Allerlei factoren, zoals de op handen zijnde Brexit en de grote last van het maken van een subsidieaanvraag en de extreem kleine kans op honorering spelen daarbij een rol. Wil je meer weten over dit project, kijk dan eens op de website van meSch, www.mesch-project.eu.
6 plus 2 is:*
(anti-spam)

Reacties (0)

Er zijn nog geen reacties geplaatst.