Cookies op DEN.nl
den.nl maakt gebruik van cookies voor het anoniem meten van het website bezoek en het vergroten van het gebruiksgemak. Door op 'ga verder' te klikken, geef je toestemming voor het gebruik van deze cookies.

Lancering Toetsingsmodel Informatiehuishouding Erfgoedinstellingen

29 augustus 2016 - Robert Gillesse




Het stond stiekem al een tijdje online maar vanaf heden is het Toetsingsmodel Informatiehuishouding Erfgoedinstellingen officieel online. Deze online zelftest geeft erfgoedinstellingen een indruk van de kwaliteit van de eigen informatiehuishouding. Daarbij gaat het primair om het beheer, het behoud, het (her)gebruik en de presentatie van de digitale collecties.

Hoe werkt het?

Na het aanmaken van een profiel doorloopt de gebuiker een dertigtal criteria die zijn gekoppeld aan drie "ambities":
  1. zichtbaar (hoe zichtbaar zijn mijn digitale collecties?); 
  2. bruikbaar (hoe zijn mijn digitale collecties aan die van anderen verbonden?);
  3. houdbaar (hoe duurzaam is de bewaring van mijn collecties?).
Wanneer alle criteria zijn beantwoord, wordt er een eindrapport gegenereerd met daarin een overzicht hoe er is gescoord per ambitie (inzichtelijk gemaakt met behulp van een spingrafiek).


De spingrafiek uit het eindrapport van het Toetsingsmodel

Voor de vragen die met "nee" of "in wording" zijn beantwoord krijgt de gebruiker een advies hoe hierin verbetering kan worden aangebracht.

Aansluiting bij het NDE programma

De genoemde drie ambities sluiten nauw aan bij het zogenaamde drielagenmodel zoals die is geformuleerd in het Netwerk Digitaal Erfgoed (NDE) programma. Het Toetsingsmodel is dan ook gefinancieerd vanuit het OCW programma Netwerk Digitaal Erfgoed (NDE) en is één van de eerste concrete NDE resultaten. 

Wat kun je er mee?

Met het eindrapport kun je zien hoe de bovengenoemde ambities zich verhouden tot de realiteit van de infomatiehuishouding. Het rapport kan instellingen op tenminste drie manieren helpen:
 
  1. Een indicatie bieden van alles wat er nog moet gebeuren om tot de optimale situatie te komen. Er kan daarbij gebruik worden gemaakt van de suggesties ter verbetering ("wat te doen"). Ook kan op basis van het eindrapport prioriteiten worden gesteld. Dat kan op het niveau van de ambities ("ik zet de komende tijd in op verbetering van de duurzame bewaring van mijn collecties") of op het niveau van de vragen en suggesties. 
  2. Een basis bieden voor nieuw informatiebeleid. Het eindrapport geeft aan waar de komende tijd in kan worden geïnvesteerd om te komen tot een verbetering van de informatiehuishouding. Het  vormt, met de keuzes en afwegingen die daarin worden gemaakt, de kern voor nieuw informatiebeleid. 
  3. Een indruk geven van hoe de instelling zich verhoudt tot de zogenaamde nationale infrastructuur zoals die wordt voorgestaan door het NDE programma. Van welke diensten kan de instelling gebruik maken of zelfs aanbieden en waar en op welke manier kunnen de digitale collecties worden gevonden, gepubliceerd, gebruikt en duurzaam bewaard? 

Wat kun je er niet mee?

Het toetsingsmodel is geen keurmerk (zie onderstaand) of audit instrument. Het gaat om een zelftoets die een eerste indruk geeft van de informatiehuishouding binnen een erfgoedinsteling. De scores zijn daarom ook geen echte prestatie-indicatoren, maar geven slechts een indruk hoe de instelling heeft gepresteerd. 

Hoe kwam het tot stand?

De originele doelstelling van het project was het tot stand brengen van een keurmerk voor software die erfgoedinstellingen gebruiken bij de ontsluiting, publicatie en distributie van hun metadata, alsmede de publicatie van digitale collecties en andere digitale producten. Het keurmerk zou helpen meer samenhang en efficiency te realiseren tussen de diverse soorten software voor digitaal erfgoed die in omloop zijn. Interoperabilteit (uitwisselbaarheid en hergebruik van data), modulaire opzet (drielaagsmodel) en duurzaamheid stonden hierbij voorop. Het keurmerk richtte zich in eerste instantie op collectiemanagementsoftware (collectieregistratie- en digital asset managementsoftware).
 
Na een grondig (markt)onderzoek bleek de behoefte aan een keurmerk niet erg groot te zijn en werd met name duidelijk dat de focus op enkel software onvoldoende resultaat zou bereiken. De implementatie van de software en de lokale situatie werden als minstens zo belangrijk geacht. Ook werd al snel duidelijk dat de ontwikkeling van een keurmerk niet zou kunnen worden gerealiseerd in de relatief korte projectduur. Uit verder onderzoek naar andere keurmerken bleek ook dat de ontwikkeling van een keurmerk vraagt om een meerjarenperspectief. 
 
Er is daarom met goedkeuring van OCW en de Raad van Advies besloten het project om te buigen naar een zelftest waarmee erfgoedinstellingen de eigen informatiehuishouding kunnen toetsen. Interoperabilteit, modulaire opzet (drielaagsmodel) en duurzaamheid bleven hierbij als uitgangspunten fungeren. Als voorbeeld gold daarbij het Scoremodel digitale duurzaamheid. Even als het Scoremodel is het toetsingsmodel opgezet als online webtool waarbij de gebruiker een aantal secties van vragen moet doorlopen om daarna een eindrapport en actieplan gepresenteerd te krijgen. In het Toetsingsmodel zijn nog wel een aantal specifieke criteria opgenomen over collectieregistatiesoftware (onder ambitie "bruikbaar").  
 

Door wie is het gemaakt?

De inhoud en de teksten in het Toetsingmodel zijn ontwikkeld door DEN, met ondersteuning van een Raad van Advies en een klankbordgroep. De webtool is gebouwd en ontworpen door de webontwikkelaar Bitman

Aan de slag

3 plus 3 is:*
(anti-spam)

Reacties (0)

Er zijn nog geen reacties geplaatst.