Cookies op DEN.nl
den.nl maakt gebruik van cookies voor het anoniem meten van het website bezoek en het vergroten van het gebruiksgemak. Door op 'ga verder' te klikken, geef je toestemming voor het gebruik van deze cookies.

EU-conferentie Digitale Duurzaamheid

27 april 2007




Verslag van de EU-conferentie "The Challenge: Long-Term Preservation - Strategies and Practices of European Partnerships"  in de Deutsche Nationalbibliothek te Frankfurt op 20 en 21 april 2007. De Duitse nationale bibliotheek heeft deze conferentie georganiseerd in het kader van het Duitse voorzitterschap van de EU.

De conferentie was een vervolg op de in november 2004 in Nederland gehouden de conferentie 'Permanent Access to the Records of Science'. Die conferentie was door de Koninklijke Bibliotheek georganiseerd in het kader van het Nederlandse voorzitterschap van de EU. Het moge duidelijk zijn: Europa neemt het onderwerp digitale duurzaamheid serieus. Zowel op nationaal als op internationaal niveau worden allianties gesmeed om de problematiek van duurzame toegankelijkheid van digitale data aan te pakken. De conferentie in Frankfurt gaf een goed beeld van het belang van deze allianties. Marco de Niet van DEN heeft als Nederlands gedelegeerde deelgenomen aan deze conferentie en brengt verslag uit.

Nationale en internationale samenwerking (dag 1)
Op de eerste dag stonden nationale en internationale samenwerkingsverbanden en projecten centraal. Erfgoedinstellingen, met name bibliotheken en archieven spelen een actieve, zo niet een leidende rol in deze netwerken. Er zijn veel andere partijen die evenals erfgoedinstellingen grote hoeveelheden digitale data beheren, maar vooral erfgoedinstellingen spannen zich ervoor te zorgen dat hun data ook in de verre toekomst toegankelijk blijft. Daarvoor is zeker expertise van informatici nodig, maar de erfgoedinstellingen zelf hebben ook kennis en ideeën over het garanderen van toegang, betrouwbaarheid en herbruikbaarheid van digitale data.
 
Enkele voorbeelden van nationale initiatieven die voor het voetlicht kwamen, waren NESTOR in Duitsland en de Digital Preservation Coalition in het Verenigd Koninkrijk. Van de Scandinavische landen kent alleen Zweden een landelijke coalitie, in de andere landen wordt de problematiek vooral projectmatig opgepakt. Wel archiveren de erfgoedinstellingen inmiddels vele honderden terabytes per jaar. In werkgroepen die door de landelijke overheden worden aangestuurd, wordt onder andere de economische dimensie bestudeerd: wat is bijvoorbeeld de economische waarde van gearchiveerde TV-uitzendingen en van websites? Ook in Tsjechië werkt de nationale bibliotheek actief aan webarchivering, maar ook daar is er een afhankelijkheid van projectfinanciering. De investeringen die nodig zijn, kunnen niet uit eigen budgetten komen. Door de projectmatige aanpak zijn er nog geen lange-termijn-garanties voor de huidige activiteiten. Wat Nederland betreft werd aangekondigd dat in mei 2007 de Nationale Coalitie Digitale Duurzaamheid zal worden opgericht, een initiatief van de KB en DANS.
 
Ook op Europees niveau zijn inmiddels diverse samenwerkingsverbanden gesmeed. Een resultaat van de EU-conferentie in Nederland in 2004 was het voornemen een Europese Alliance for Permanent Access op te richten. De KB heeft hiertoe het initiatief genomen. De inzet is dat deze alliantie de diverse nationale initiatieven met elkaar gaat verbinden. Er werd een oproep gedaan aan internationale uitgevers en onderzoeksinstellingen zich aan te sluiten. Op deze wijze moet gezamenlijk toegewerkt worden naar een duurzame virtuele infrastructuur om (met name) wetenschappelijke informatie permanent toegankelijk te houden.
 
Daarnaast zijn er enkele door de EU gefinancierde projecten die digitale duurzaamheid centraal zetten. Het omvangrijkste project is PLANETS, dat geleid wordt door The British Library. In dit project worden diensten ontwikkeld die instellingen kunnen inzetten bij het opstellen en uitvoeren van bewaarstrategieën. Een voorbeeld hiervan is een faciliteit om de eigenschappen van een digitaal object beter te kunnen analyseren.

Een ander project is Digital Preservation Europe. Dit project heeft twee hoofddoelen: samenwerking stimuleren (en daarmee aan te dringen op het gebruik van standaarden), en bewustwording vergroten (met name bij ministeries, financieringsorganen en ook het midden- en kleinbedrijf). Het project doet dit met name door workshops en trainingen te organiseren.
 
Een derde project is CASPAR, dat zich met name richt op implementatie en verdere ontwikkeling van het OAIS-model, dé standaard voor het inrichten van een duurzaam digitaal archiefsysteem.
De belangrijkste conclusie die getrokken werd na de presentaties over de diverse nationale en Europese initiatieven was dat er een grote behoefte is aan standaardisatie, bijvoorbeeld op het gebied van formaten en metadata, en aan een grotere betrokkenheid van sterke marktpartijen. Een gemeenschappelijk probleem is ook selectie en deselectie. Op basis van welke criteria kunnen erfgoedinstellingen digitale bestanden selecteren voor opname in hun digitale depots? Het blijkt nog te vroeg te zijn voor een dekkende internationale strategie op dit gebied.  

Onderzoeksagenda (dag 2)

Op de tweede dag stonden de onderwerpen centraal die hoog op de agenda staan van de nationale en internationale allianties. In het kort zijn dit: onderzoek naar gedrag en eigenschappen van formaten, standaardisatie van formaten en metadata, certificering van depotsystemen, instrumentarium om digitale data voor de lange termijn te beheren en presenteren, training van medewerkers, vergroten van bewustwording buiten de eigen kring en een gemeenschappelijke infrastructuur om resultaten met elkaar te delen.

Het is evident dat intensieve samenwerking de enige weg voorwaarts is. Geen enkele instelling of sector is in staat dit probleem eigenhandig op te lossen. De complexiteit van het onderwerp vergt ook het vinden van een juiste balans tussen ambitie en een gevoel voor realisme, zeker als het gaat om de financiële mogelijkheden.

Steeds meer instellingen beschikken inmiddels over een digitaal archief of depotsysteem. In enkele presentaties werd aandacht besteed aan de selectiecriteria voor de aanschaf van zo'n systeem, en certificering en kwaliteitscontrole als zo'n systeem eenmaal in gebruik is genomen.

Een interessant onderwerp dat aangesneden werd, was de verhouding tussen institutionele archieven met persoonlijke digitale archieven die mensen thuis aanleggen. Digitalisering is zo ver doorgedrongen in het dagelijks leven, dat iedereen digitale data kan vervaardigen, zowel op het web als op de eigen PC. Hoe kunnen professionele oplossingen doordringen tot de huiskamer, en in hoeverre krijgen erfgoedinstellingen te maken met deze datacollecties, bijvoorbeeld in het geval van webarchivering of collectievorming? 

Aansluitend werd een belangrijke oproep gedaan aan alle instellingen die digitaliseren: houdt bij de vervaardiging van digitale bestanden al rekening met duurzame toegankelijkheid van die bestanden. Digitale bestanden bestaan uit vijf onderdelen: inhoud, structuur, context, opmaak en gedrag. We weten niet hoe de toekomst eruit ziet, en daarom doen we er nu verstandig aan zoveel mogelijk gegevens over deze vijf aspecten vast te leggen. Iedere digitaliserende instelling zou moeten beschikken over een duurzaamheidsplan, waarin is vastgelegd hoe de instelling op de lange termijn om wil gaan met haar digitale collecties. Het is ook vooral belangrijk hier open over te zijn: laat zien wat je hebt en waar je mee bezig bent. Alleen dan zijn kennis delen en samenwerking mogelijk. 



Visie Europese Commissie
De conferentie werd afgesloten met een visie van de Europese Commissie op de belangrijkste knelpunten van dit moment. Genoemd werden wetgeving (hoe om te gaan met de copyrightregels en hoe kunnen depotstrategieën over de grenzen heen ontwikkeld worden), financiën (hoe kunnen reeds gedane investeringen veilig gesteld worden, hoe kunnen de kosten voor het beheren van digitale archieven binnen de perken blijven) en technisch/organisatorische kwesties (hoe om te gaan met de snelle veranderingen en veroudering van formaten, hoe authenticiteit te garanderen en hoe met elkaar een betrouwbare, duurzame infrastructuur op te zetten).
Er zijn diverse redenen voor de Europese Commissie om in dit onderwerp te investeren: de schaal is te groot om het nationaal op te kunnen lossen. De EU heeft een verantwoordelijkheid voor het bewaken van IPR en voor het stimuleren van onderzoek, en ook voor het consolideren van investeringen. Om deze redenen is digitale duurzaamheid als apart onderwerp benoemd in het 7e kaderprogramma van de Commissie. De Commissie hecht ook zeer aan een nauwere samenwerking tussen de erfgoedsector en de commerciële markt. De erfgoedsector ziet dit ook graag gebeuren, maar in de praktijk blijkt deze samenwerking maar moeizaam op gang te komen. Dit veranderen is een uitdaging voor alle allianties en projecten op het gebied van digitale duurzaamheid.

Meer informatie
Conferentiewebsite met de presentaties
1 plus 7 is:*
(anti-spam)

Reacties (0)

Er zijn nog geen reacties geplaatst.