Cookies op DEN.nl
den.nl maakt gebruik van cookies voor het anoniem meten van het website bezoek en het vergroten van het gebruiksgemak. Door op 'ga verder' te klikken, geef je toestemming voor het gebruik van deze cookies.

Vienna in oktober: EuropeanaTech

10 oktober 2011 - Marco Streefkerk




"#etech11 Europeana really focusing on openness - it'd be the biggest word in a word cloud of talks to far." Aldus Mia Ridge (Twitter: @mia_out), de keynote van dag 2 op EuropeanaTech. Lees enkele persoonlijke gedachten rond dit thema.

EuropeanaTech, 4 en 5 oktober in Wenen, was een eerste bijeenkomst van een community in oprichting rond WP7 van V2 van Europeana (zie eerdere blog). Deze werkgroep bestaat uit onderzoekers, domeinspecialisten en toepassingsexperts op het gebied van digitaal erfgoed en gaat Europeana ondersteunen op het gebied van innovatie. DEN is als domeindeskundige vertegenwoordigd. Bovendien houden we de aansluiting op de Nederlandse ontwikkelingen in de gaten in het bijzonder die binnen de Nederlandse aggregator.


Het centrale woord op EuropeanaTech was 'open'. Nu is open (data/source) niet alleen techniek maar zeker ook strategie. De bijdrage en de discussies in Wenen waren als gevolg ook een stuk minder technisch dan ik had verwacht afgaande op mijn ervaringen in WP3 van het voorgaande Europeana (V1.0) project. Wel is de vraag of het publiek voldoende geïnteresseerd en deskundig  was om de strategische vragen te beantwoorden. In dat verband verwacht ik op dit punt meer van DISH.

De nadruk op Open was een logisch gevolg van de discussie over en uiteindelijk de bekrachtiging van de nieuwe Europeana Data Exchange Aggrement. Deze houdt in dat alle metadata binnen Europeana na een overgangsperiode zonder restricties door iedereen, ook commerciele partijen, hergebruikt kan worden. Ik vind dit een goede zaak. Maar er zitten nog wel wat haken en ogen aan.

Dataleveranciers
Ten eerste was tijdens de consultatie een percentage van de dataleveranciers binnen Europeana (12%) tegen deze nieuwe licentie. Wat gebeurt er met deze instellingen en hun data. Is er voor hen nog een weg terug? En wat zijn de gevolgen daarvan voor Europeana? Hoe houden we ook deze instellingen betrokken bij de samenwerking op Europees niveau? Dat dit een lastig verhaal is, werd onderstreept door Andrew Stott die vanuit zijn ervaring met de Britse Open Data policy het advies gaf: "compromise on the data, not on the license". De prioriteit van Europeana op aantallen heeft als gevolg dat van de 20M objecten een deel van de data moeilijk bruikbaar is omdat er niet de juiste licentie aan hangt.

Nieuwe overeenkomst
Ten tweede: alle content leveranciers moeten de nieuwe overeenkomst aangaan. Maar instellingen leveren zelden data direct aan Europeana. Soms gaat dat via één, meestal via meerdere tussenstappen; via de aggregatoren. Denk aan het Geheugen van Nederland dat data verzamelde van bijvoorbeeld Digitaliseren met Beleid projecten en dat via The European Library doorgaf aan Europeana. Omdat er door de Koninklijke Bibliotheek geen sluitende afspraken zijn gemaakt met deze leveranciers, moet dat als nog en dreigt een deel van de collectie uit Europeana te verdwijnen.  Ook in Nederland waar Beeld en Geluid als nationale aggregator  de top van de piramide moet gaan vormen, zal een stelsel van getrapte overeenkomsten moeten worden afgezet.

Businessmodel voor open data
Daarmee samenhangend knelpunt drie. Elke tussenstap, elke aggregator, maakt kosten. Kosten die uiteindelijk gecompenseerd moeten worden door opbrengsten, maatschappelijk en/of economisch. Elke stap vereist een businessmodel rond toegevoegde waarde, maar hoe zien die businessmodellen van open data eruit? Krijgt de sector in deze crises de tijd om daarmee te experimenteren en zo te komen  tot werkbare oplossingen?

Open content?
Ten vierde: DEA heeft alleen betrekking op de metadata. Maar wat over de content? Paul Keller liet in zijn presentatie zien dat de licenties op de content in Europeana nog verre van perfect zijn. Dat is zowel een technisch, als een kennisprobleem. Ook voor wat betreft de content staat de sector voor de vraag: 'hoe open willen en kunnen we zijn?'. Europeana lijkt ook daar te kiezen voor een 'zo open mogelijk' strategie. Maar is dat in het belang van de individuele instellingen? Dreigt er opnieuw een schisma zoals eerder tussen digitaal en (nog) niet gedigitaliseerd erfgoed , nu tussen content vrij voor hergebruik en content met restricties? Ook daar speelt de vraag welke unieke rechten de verschillende lagen in het Europeana bouwwerk kunnen exploiteren  om hun eigen businessmodel te onderhouden.

Strategische overwegingen
Oplossing van deze knelpunten (en ik ben er vast een paar vergeten) is echt een strategisch vraagstuk. Het hangt nauw samen met een mogelijke nieuwe rol van erfgoed in een digitale wereld. Hoezeer is er maatschappelijk draagvlak voor (digitaal) erfgoed als gemeenschappelijk bezit ten behoeve van het algemene welzijn? Als onderdeel van de Public Space zoals Bill Thomsom die op o.a. EuropeanaTech schetst? In die visie past ook de presentatie van Mia Ridge, over de mogelijkheden van crowdsourcing. De opdracht om het publiek zo intens mogelijk deelgenoot te maken van erfgoed, samen met hen te zoeken naar nieuwe vormen van betekenis, zodat ze er mede-eigenaar van worden. In zo'n netwerk zonder vaste rollen passen geen restricties van wie, wanneer, wat met erfgoed mag doen.

Of stellen we ons tevreden met het feit dat de overheid de traditionele behoud, beheer en toegangsfunctie van de erfgoedinstelling financiert en moet erfgoed haar bestaansrecht in de digitale wereld verdienen op de commerciële markt?
Wordt vervolgd, bijvoorbeeld op DISH2011 [@DISH_2011].
10 plus 5 is:*
(anti-spam)

Reacties (0)

Er zijn nog geen reacties geplaatst.