Cookies op DEN.nl
den.nl maakt gebruik van cookies voor het anoniem meten van het website bezoek en het vergroten van het gebruiksgemak. Door op 'ga verder' te klikken, geef je toestemming voor het gebruik van deze cookies.

Is een centrale toegang tot de Archiefcollectie NL nuttig?

16 september 2011 - Marco De Niet




Een van de hoofdonderwerpen in de Archiefvisie is de toegankelijkheid tot de Archiefcollectie NL. Een actiepunt voor de korte termijn is het opstellen van mogelijke uitvoeringsscenario’s en een programma van eisen. Een vraag die ik enkele malen heb horen stellen naar aanleiding van de Archiefvisie: zit de gebruiker wel te wachten op een centrale toegang tot de Archiefcollectie NL? Laten we nu niet weer een portal maken vanuit de aanbodgedachte. Een valide vraag, maar ik zou hier toch een lans willen breken voor dat voorbereidende onderzoek vanuit het belang van een (inter)nationale infrastructuur voor digitaal erfgoed.

Zoeken via bladeren in een semantische context
De archiefvisie stelt dat digitale informatie over archiefcollecties via algemene zoekmachines niet goed gevonden kan worden. Dat hangt deels samen met gebrek aan standaardisatie (nog steeds!) van informatiesystemen van afzonderlijke archieven of dienstenleveranciers, maar dat is niet waar het hier over gaat. Onderzoek van het SCP bevestigt dat 90% van de informatiezoekers eerst naar zo'n algemene zoekdienst gaat. Die concurrentieslag kan de archiefsector niet winnen. Het gaat er dus om wat er gebeurt als de gebruiker een link volgt vanuit zo'n dienst.

Het is voor zowel gebruikers als informatieleveranciers niet wenselijk als er niet meer is dan een 1-op-1 relatie tussen zoekmachine en informatieobject. Zoeken-klik-object-klaar. Zo werkt zoeken alleen als je precies weet wat je wilt vinden. Voor andere vormen van zoeken is bladeren in een semantische context waardevol, omdat je dan verwante bronnen vindt die niet precies aan je zoekopdracht voldoen of waarvan je het bestaan niet vermoedt. Dat is de vindbaarheid waar het hier om gaat.

Europeana: springplank naar aangrenzende sectoren
Op Europees bestuurlijk niveau wordt momenteel de ontwikkeling van een informatierijke omgeving voor cultureel erfgoed sterk bevorderd: Europeana. De kracht van Europeana zit niet alleen in de aggregatie en contextualisering van inmiddels vele miljoenen erfgoedobjecten, maar ook in het richting geven aan grootschalige samenwerking.

Europeana is in korte tijd een positieve drijvende kracht geworden voor erfgoedbrede digitale dienstenontwikkeling. Nu de basisvoorzieningen bijna op orde zijn, wordt Europeana een goede springplank naar aangrenzende sectoren, zoals het onderwijs, en naar andere digitale platforms, zoals Facebook of Wikipedia. Dit komt niet alleen die centrale dienst ten goede, maar ook de afzonderlijke deelnemers en de informatiezoekers.

"Iedereen verdient beter"
Er is op Europees niveau, met niet eerder vertoonde consensus, een digitale infrastructuur voor erfgoed ontwikkeld die heel goed dienst kan doen op nationaal of regionaal niveau. Het is verstandig dat in de Archiefvisie Apenet, de archieftak van Europeana, als uitgangspunt wordt genomen voor de ontwikkeling van de Archiefcollectie NL. Zo'n aggregator kan efficiënt op nationaal niveau koppelingen tussen archiefcollecties onderling en met andere erfgoedcollecties realiseren die Google of de eigen databases van instellingen niet aan gebruikers kunnen leveren. Is dat van voldoende waarde voor gebruikers?

Ik zie die koppelingen als een noodzakelijke tussenstap, niet als een eindpunt. De werkelijke waardecreatie zit uiteraard in de dialoog tussen de eindgebruiker en de diverse leverende archiefinstellingen en andere deelnemers in het netwerk. Maar zonder die koppelingen zal het netwerk klein blijven, en de dialoog mager. Iedereen verdient beter.
Tags:
Europa   Europeana   archieven   infrastructuur  
4 plus 2 is:*
(anti-spam)

Reacties (1)

Leila Liberge, STAP - donderdag 22 september 2011 om 13:54
Volgens mij is een vooronderzoek naar het nut/behoefte aan een ingang naar archieven nuttig. Nog nuttiger lijkt het mij om een dergelijk onderzoek niet tot een product te beperken maar juist het totale pallet van diensten en producten die de archieven al aanbieden of nog willen ontwikkelen in de analyse te betrekken. Zo ook de doelgroepen waar deze zich op (zouden moeten) richten en kanalen waarlangs ze worden aangeboden. Zo kan een meer eenduidige strategie ontstaan qua online dienstverlening door de archieven waarbij duidelijk is hoe producten zich tot elkaar verhouden.
Marco de Niet - zaterdag 8 oktober 2011 om 22:40
Goed punt Leila. In feite is dat ook wat in het NRC-artikel Het Digitale Drama wordt bepleit: meer samenhang tussen al die diensten die er al zijn. Door de grote invloed van projectfinanciering gaat er zoveel aandacht uit naar deelresultaten, dat het totaalbeeld uit het zicht verdwijnt. In aanvulling op wat ik hierboven heb geschreven: Europeana is een infrastuctuur voor metadata, thumbnails en links naar volledige records. Digitaal erfgoed omvat veel meer dan dat. Het gaat dus niet alleen om het op elkaar aansluiten van diensten, maar ook om het koppelen van soorten diensten (metadataindexen, full text diensten, kennissystemen, vocabulaires etc.)